De kartuis als belangrijk centrum van verspreiding van religieuze cultuur

De kartuizers verblijven binnen de beslotenheid van hun klooster in alle stilte. Het spreken onder monniken is beperkt tot het allernodigste; ze hebben zelfs een gebarentaal ontwikkeld om zich onder elkaar uit te drukken. Het verkondigen van het woord Gods naar buiten toe is dan ook beperkt tot het kopiëren van religieuze schriften, een taak waarin de kartuizers excelleerden want “met elk boek dat we afschrijven, scheppen we even zoveel verkondigers van de waarheid” (Cons.).

Diepgaand wetenschappelijk onderzoek, heel recentelijk gevoerd door Erik Kwakkel (ziebibliografie) heeft aangetoond dat Herne een enorme productiviteit aan de dag legde inzake kopieerwerk van religieuze geschriften. Daar waar men eerder dacht dat het Rooklooster in Groenendaal zeer belangrijk was en dat daar de meeste handschriften werden vervaardigd, heeft grondig codicologisch onderzoek aangetoond dat vele handschriften eigenlijk in Herne werden vervaardigd. Het gaat niet uitsluitend over bijbelse teksten, maar tevens over de toen gangbare belangrijke werken van kerkvaders, de regel van Benedictus, de pauselijke schriften, de zgn Legenda aurea (heiligenlevens), enz. Deze werken werden vooral in opdracht gekopieerd voor andere kloosters en belangrijke personages uit de hoge, later de lagere adel, die Latijn kenden .

Herne is evenwel nog belangrijker om een andere activiteit : het vertalen van teksten uit het Latijn.

Het is zo dat de geest des tijds hiervoor rijp was. Door de opkomst van de steden en de ermee verbonden groei aan rijkdom, vooral bij de burgerij en de lagere adel, groeide eveneens de drang naar kennis en het verspreiden ervan in de volkstaal. Het is in deze periode gaande van de 11de tot midden 15de eeuw dat de meeste, reeds door de volksmond overgeleverde verhalen, zoals bv. het Reinaardepos, in de volkstaal op schrift werden gezet. Ook religieuze en wetenschappelijke geschriften werden steeds meer gevraagd in de volkstaal.
Dit fenomeen van creatie in een vertaalwerk is trouwens een West-Europees fenomeen.

Herne heeft op het vlak van vertaalwerk een cruciale rol gespeeld. Hierdoor kan het klooster beschouwd worden niet alleen als een centrum van vertaalwerk, maar ook als een centrum met invloed op de Zuid-Brabantse en de Brusselse regio. Later werd de met de hand geschreven bijbel gebruikt als basis voor de eerste gedrukte bijbel van Delft uit de 15de eeuw.

De vertaling gebeurde in de volkstaal die voor ons taalgebied als het Middelnederlands is omschreven. Er bestond nog immers geen algemeen Nederlands; alle geschriften in de volkstaal waren dialectisch getint zodat onderzoekers, op basis van het gebruikte dialect, kunnen bepalen tot welke streek de vertaler behoorde.
Veel vertalingen gebeurden in opdracht. Dit was niet anders in Herne : Petrus Naghel voltooide in 1361 een historiebijbel in opdracht van Jan Taye die deel uitmaakte van het Brusselse stadspatriciaat. En in opdracht voor de tot dezelfde burgerij behorende Ludovicus Thonijs werden in Herne de Regula van Benedictus en de Collationes van Cassianus vertaald voor Ludovicus zuster Maria, benedictines in de abdij van Vorst.
Er is een duidelijk verband tussen contacten met weldoeners van het klooster en de vervaardiging voor hen van vertalingen.